| onderdak
De meerderheid van alle kinderen in Peru leeft
onder de armoedegrens. De Peruaanse regering is er tot nu toe niet
in geslaagd de armoede te bestrijden. Ironisch genoeg merkt de Nederlandse
overheid Peru niet langer aan als ontwikkelingsland (toelichting).
Alle hulp moet dus komen van kerken, ontwikkelingsorganisaties en
van particuliere initiatieven.
Vooral in de hoofdstad Lima is het armoedeprobleem goed zichtbaar.
In de sloppenwijken zwerven kinderen hongerig over straat en doen
zij wanhopige pogingen om te overleven. Er zijn kinderen die bedelen
en stelen om aan geld voor eten te komen. Soms glijden de kinderen
zo ver af dat ze lijm gaan snuiven of in de prostitutie terecht
komen.
In de bergen is de armoede minder direct zichtbaar
maar net zo schrijnend. Deze kinderen wonen vaak wel in een hut
of op een stukje land met hun ouders, maar worden mishandeld, misbruikt
en zijn vaak zwaar ondervoed en gaan niet naar school. Er zijn kinderen
die ernstig ziek worden en het niet overleven. Kloosterzusters,
die in dit soort arme gebieden in Peru werken, zorgen ervoor dat
steeds meer van deze kinderen hulp krijgen.
Stichting Wees Kind maakt dit mogelijk door vanuit Nederland geld,
hulpgoederen en kennis in te zetten, in nauwe samenwerking met de
kloosterzusters en lokale sleutelfiguren. In ons kindertehuis Los
Pinos in Huaraz vangen we kansarme kinderen op. |